Omdat eerder genoemde problemen bij kinderen vaak samen gaan is bij ons een gecombineerde behandeling kinderfysiotherapie- logopedie mogelijk. Onze jarenlange ervaring leert dat door deze gecombineerde behandelmethode kinderen vaak meer en sneller profijt ondervinden van de behandelingen. De genoemde combinatiebehandeling is gericht op kinderen die moeite hebben met vertellen, het op woorden komen, het gebruik maken van innerlijke taal, de planning en coördinatie van motorische handelingen en met de zintuiglijke prikkelverwerking waardoor allerlei gedragsproblemen kunnen ontstaan. Deze behandelingen bieden wij zowel in Ruinerwold als in Meppel aan.

Combinatiebehandeling van Kinderlogopedie en -fysiotherapie   Combinatiebehandeling van Kinderlogopedie en -fysiotherapie

De Tan-Söderbergh methode

De Tan-Söderbergh methode is ontwikkeld door het team van Stichting Dysfatische Ontwikkeling.  Dit team bestaand uit kinderneurologen, psychiaters, logopedisten, ergotherapeuten en psychologen en bestaat sinds 1985. De methode is bedoeld voor kinderen die dysfatische en dyspraktische problemen laten zien, met mogelijk daarnaast problemen op andere gebieden.

Dysfatische problemen: Een dysfatische ontwikkeling is een neurologische spraak- en taal- ontwikkelingsstoornis waarbij het kind duidelijk meer begrijpt dan het kan zeggen.

Dyspraktische problemen: ‘Praxis’ betekent ‘doen of handelen’. De term dyspraxie is hiervan afgeleid en hierbij gaat het om kinderen die moeite hebben met bedenken wat ze willen doen en vaak niet weten hoe ze het moeten doen. Ze ervaren problemen in het plannen en uitvoeren.

Voor wie?

Kinderen die in aanmerking komen voor een behandeling volgens de Tan-Söderbergh methode laten mogelijk op de volgende gebieden problemen zien:

Op logopedisch vlak kunnen dat zijn:

  • Het taalbegrip is beter dan de taalproductie. Het kind begrijpt duidelijk meer dan dat het kan zeggen.
  • Problemen met communicatie in ‘op commando-situatie’ Het spontane praten gaat gemakkelijker dan het antwoord geven op een vraag.
  • Problemen in de vloeiendheid van het spreken. Het kind heeft moeite om op de juiste woorden te komen, er zijn woordvindingsproblemen.

Op het gebied van kinderfysiotherapie en/of ergotherapie kunnen dat zijn:

  • Problemen op het gebied van het handelen, de praxis. Het kind heeft moeite om nieuwe vaardigheden aan te leren en deze te automatiseren. Het kind heeft meer herhaling, informatie en tijd nodig om iets aan te leren.
  • Fijnmotorische problemen. Bijvoorbeeld: moeite met knippen, plakken, tekenen, schrijven, veterstrikken, knopen dichtmaken, kralen rijgen.
  • Grofmotorische problemen. Bijvoorbeeld: moeite met rennen, hinkelen, huppelen, springen, fietsen, klimmen en zwemmen.
  • Sensomotorische problemen. Hiermee bedoelen we problemen in de zintuiglijke informatie verwerking, het horen, zien, ruiken, proeven,  de tast,  het evenwicht en het spiergevoel. Een goede zintuiglijke informatieverwerking is een voorwaarde voor een goede ontwikkeling van de fijn en grof motorische ontwikkeling.

De behandeling

Voordat een kind behandeld wordt in een Tan-Söderbergh groep vindt er een uitgebreid logopedisch en kinderfysio-/ ergotherapeutisch onderzoek plaats. De uitkomsten van het onderzoek en een eventueel behandelplan worden besproken met de ouders/verzorgers. Zo nodig wordt in overleg contact opgenomen met school of andere betrokkenen.

Het doel van de Tan-Söderbergh methode kan verschillen per kind. Centraal staat het verbeteren van de spraak-taalvaardigheden. Daarnaast worden ook de dyspraktische problemen en (senso)motorische problemen behandeld.